Bejaarden in C-tijd

Sandra Rogiers Positivo Ofnie

Ik moet iets bekennen en ik ben er niet trots op.

Heel die C-tijd ben ik niet bij mijn grootouders geweest. Het bleef bij telefoontjes.

Voor mezelf ben ik al lang niet meer bang, ik ben nog relatief jong en heb volgens mij een goed werkend immuunsysteem, ik heb sinds het middelbaar geen griep meer gehad. (Hout vasthouden, zeggen ze dan.)
Maar zij zijn al heel oud (als er al (bijna) een negen vanvoor staat, mag je dat zeggen), en het was al redelijk van in het begin duidelijk dat vooral oude mensen en mensen met onderliggende ziekten veel kwetsbaarder waren.

Bovendien wou mijn memé dat zelf ook niet. Bij elk telefoontje klaagde ze wel dat ze zó weinig mensen zag en dat dat zo saai was, maar ze zei er ook telkens bij dat het beter was dat er zo weinig mogelijk mensen kwamen, want “je moet het ook niet zoeken, hé”.
(En ik wou niet diegene zijn die hen misschien eventueel zou besmetten…)

Tot mijn schaamte was mijn laatste telefoontje al enkele maanden geleden. Soort vermijdingsgedrag van vervelende gevoelens, I know.
Vorige week belde ik eindelijk nog eens. Ze klonk deze keer helemaal anders. Weer klagen dat ze niet veel mensen zag (ja, vroeger waren ze wel wat meer bezoek gewoon dan enkel hun kinderen, verpleging en verzorgenden), dat wel, maar deze keer voegde ze eraan toe dat ze het intussen nochtans al gehad heeft, en dat ze er dus eigenlijk niet meer bang voor moest zijn. En ook zei ze dat als je iets moet vangen, je het toch gaat vangen…
Of ik niet eens langs wou komen.
Ge moet maar nie komen pieperen, é (een zoen geven, op zijn West-Vlaams), en een mondmasker dragen.

Heb ik gedaan. (Tenslotte blijkt nu toch dat het nu wel veel besmettelijker is, maar veel minder ziekmakend…) Ik bleef een meter of twee op afstand, dat leek ze toch veiliger te vinden, en heb me aan het andere uiteinde van de tafel gezet, met mondmasker aan, en niet te lang.

Ik geloof dat we er beiden deugd van gehad hebben. Elkaar even zien, ook al is het zonder pieperen, is toch heel wat anders dan door de telefoon, hé.

Ik vroeg me eens te meer af wat zij (bejaarden in het algemeen) het ergste vonden/vinden. De angst om misschien heel erg ziek te worden of het gevoel (vaak) alleen of afgezonderd te zijn.

Er gaat nog vanalles door me heen maar ik krijg het niet verwoord naar mijn gedacht, ik laat je er zelf over nadenken… Over (uit liefde en bezorgdheid) risico’s willen beperken met als gevolg niet volop kunnen genieten… Over beseffen hoe oud ze al zijn en hopen dat je hen nog zo lang mogelijk mag bij je hebben en dat je hen in die tijd eigenlijk graag nog zo veel mogelijk wil zien…