Gelukkig leven we niet in een film

Sandra Rogiers Positivo Ofnie

Nog zoiets waar mijn kinderen al uitgegroeid zijn, maar ik nog niet: Harry Potter. Integendeel, hoe meer ik hem kijk en hoe ouder ik word, hoe liever ik kijk en er de symboliek van zie.

Ik ben de films nu nog eens aan het bekijken, in stukjes en beetjes, terwijl ik in mijn eentje ontbijt of als ik strijk of terwijl ik wat spierversterkende of evenwichtsoefeningen doe of zo. (Niet erg mindful, I know, maar als het zo gedaan raakt, waarom niet eigenlijk, hé.)

Halverwege de reeks wordt het wel heel grimmig en duister. Als je merkt dat de slechterik echt óveral zijn handlangers geïnfiltreerd heeft, en zelfs een vinger in de pap heeft bij wat in de kranten verschijnt.
En Harry die te horen krijgt dat de slechterik er zo voor zorgt dat hij zich alleen voelt, zodat hij minder een bedreiging zou vormen.

Nu heb ik die films toch al enkele keren gezien, maar het is voor het eerst dat ik bedenk: Goh, stel je voor dat dat in het echt zou gebeuren!

Maar dat kan natuurlijk niet!

Maar mocht dat toch ooit zo zijn, dan liefst ook de rest van het filmscenario volgen: dat er toch enkelen zijn die heel dat spelletje door hebben en de val van de slechterik voorbereiden. (En dan zelfs onverwachts nog vele medestanders hebben, maar aan dat stuk film ben ik nu nog niet.)

Maar goed, we leven gelukkig niet in een film, hé.
Terug naar het echte leven nu. Met wat fantasie om mijn zinnen te verzetten.