Storm

Sandra Rogiers Positivo Ofnie

Als ze normaal een storm aankondigen ben ik er redelijk gerust in. We zitten veilig binnen, in een stevig huis. Deze keer voelde het anders. Ik had al van ’s ochtends een onaangenaam gevoel in mijn buik.

Ik was blij toen de kindjes een halfuurtje voor de middag een berichtje stuurden dat iedereen ’s middags naar huis mocht, zodat ik ze onder mijn spreekwoordelijke vleugels kon beschermen. (De school had zelfs laten weten dat het treinverkeer vanaf twee uur zou stilgelegd worden, dus ze waren blijkbaar echt iets verwachtende…)

Goh, zei ik tegen mijn man, die toevallig ook thuis was (hij had een paar dagen verlof genomen, niet dat hij daar iets aan heeft: hij is zo mottig als iets door een ontsteking. Het lijkt wel alsof zijn lichaam vaak aan de vooravond van zijn verlof denkt: Ahà, hij heeft tijd om rustig aan te doen, we gaan hem nog eens ziek maken!)

(Waar zat ik? O ja: Goh, zei ik tegen mijn man,…) als ik me enkele dagen of een paar weken goed voel en geen extra rust en zo nodig heb, voel ik me er altijd schuldig en ambetant over dat ik niet ga gaan werken, maar de laatste tijd voelt het als een grote vrijheid, en ergens een luxe, want er viel precies altijd wel iets te regelen of iemand op te pikken, hoe doen mensen die voltijds werken dat?

Ik reed een beetje met een bang hartje naar school, want de regen viel net gutsend uit de hemel, de ruitenwissers konden niet snel genoeg al dat water wegvegen en ik zag bijna geen steek. Gelukkig was het na een paar minuten over.

Ginder aangekomen was het, zoals verwacht, een mierennest. Hoeveel honderden kinderen werden tegelijkertijd opgehaald? Er was niet genoeg parking, dus bleef iedereen maar gewoon staan waar ze terecht kwamen. Naar mijn gevoel hing er een sfeer van begrip. Zo van, doe maar, ik wacht wel, we willen allemaal gewoon onze kindjes bij ons.

Toen ze alle vier in de auto zaten (ik nam de kinderen van de buren ook mee, dat bedoel ik dus, als je op je werk zit op zo’n moment kun je maar hopen dat je het op een andere manier kunt regelen) schoof ik op mijn gemak aan om weer op straat te geraken.

Thuisgekomen hielpen de kinderen meteen om de tuin zo storm-proof mogelijk te maken (had ik dus nog niet aan gedacht 🙄), alles wat licht was of los zat legden we binnen. (Zelfs het deksel van de compostbak! Het zou niet de eerste keer zijn dat we dat ergens verder terugvonden.)

En dan terug naar binnen. We maakten het zo gezellig mogelijk om ons een beetje af te leiden van wat er buiten gebeurde. Ik probeerde niet te veel naar de afsluiting te kijken die op onhoorbare muziek heen en weer aan het wiegen was. (Dat had ik nog nooit eerder gezien, bij geen enkele storm!)

Even later lagen er al twee panelen van die afsluiting met paal en al tegen dek.

Toen ik ging slapen (wat wonderwel goed ging) leek de wind niet meer zo’n brute kracht te gebruiken. Alsof-ie dacht: hier heb ik al iets kapot gekregen, op naar een andere plaats.

Straks als het licht is, eens kijken of het daarbij gebleven is. Het zal wat geld en tijd en moeite kosten om te herstellen, maar als ’t maar dat is, ben ik al heel blij.

Hopelijk heb jij ook niet te veel schade ondervonden van de storm?

Straks, op een deftiger uur, eens rondsms’en bij vrienden en familie of alles oké is.

En dan pas ga ik helemaal op mijn gemak zijn…

(Storm outside, storm inside?)