Wat ik in de paasvakantie van de kinderen leerde

Sandra Rogiers Positivo Ofnie

Ik kreeg deze week een paar berichtjes met de vraag hoe het nu met me ging sinds het Paasweekend. Ik ben ook wat minder actief geweest op de blog, maar vandaag durf ik zeggen: weer helemaal goed.

Ik had eigenlijk geen zin om er weer over te zagen, het komt steeds weer op hetzelfde neer: balans, balans, balans. Dat geldt natuurlijk voor iedereen, en voor elk op zijn eigen manier en naar eigen behoeften.

Ik heb een dag of drie helemaal op mezelf gefocust, en daarna een soort structuur gezocht, op en neer. En geregeld aan de kindjes in de Paasvakantie gedacht.

Ik had hen toen gevraagd twee weken de vaat en de was (verzamelen, sorteren, in de wasmachine steken, ophangen, opplooien, wegdoen, enkel de strijk deed ik zelf) volledig voor hun rekening te nemen. Dat heeft een dag of twee gewrongen, voornamelijk van mijn kant, want ik had me voorgenomen me er helemaal niet mee te moeien. Jamaar, helemaal níet, hé!

Dus moest ik er mee leren leven dat de vaatwas pas geleegd en terug gevuld werd nadat ze uitgeslapen waren. (En nee, daar heb ik me niet aan geërgerd, dat lang slapen, integendeel, deze keer was ik gewoon echt oprecht blij met al die extra me-time! (Alleen die volle keuken, de hele voormiddag.)

En de was! Gekreukt ophangen, gekreukt opplooien,… Maarre… wat ik ondervonden heb (want ik had me ook voorgenomen dat ik enkel de kleren ging strijken die ik normaal ook strijk, en niets meer): we zijn daar niet van doodgegaan, van gekreukte kleren te dragen, en wat meer is: níemand heeft ons raar bekeken of gezegd dat het een schande was! Komt da tegen!

Bovendien heerste bij hen toch nogal de mentaliteit van is ’t vandaag niet gedaan, dan komt morgen ook wel, want nù heb ik de kans met die of die van mijn klas iets te doen en morgen niet. En zo.

Dus heb ik bepaalde momenten mijn ogen moeten leren sluiten voor de overlopende wasmanden en heb ik meer dan een week in yogabroek gelopen omdat mijn twee jeansbroeken maar niet gewassen raakten, maar het was wel waar: eerst genieten van wat nu is en kan, en morgen of overmorgen halen we alles wel in. (En heelder dagen in yogabroek, ik vond het behoorlijk comfortabel eigenlijk.)

Dus ja. Balans. Ik nam het mee na de vakantie. (Al ben ik nu wel terug gewoon netjes elke dag mee met de was, hoor.)

Dan restte alleen nog het omgaan met hoe ongecoördineerd het soms voelt in mijn hoofd. Dan heb ik bepaalde dagen zodanig veel aan mijn hoofd, weet ik niet goed waar eerst aan begonnen en ja, op zo’n dagen loopt het helemaal in het honderd.

Het voelde een beetje alsof ik een kersverse kleuterjuf was en twintig kleuters trokken aan mijn armen en kleren omdat ze allemaal tegelijk mijn aandacht wilden. Hoe doen die kleuterjuffen dat toch, vroeg ik me voor de zoveelste keer af.

Om te beginnen: die stralen allemaal een soort gezag uit, daarom niet streng of nors, maar je weet wel, die kunnen hun kleutertjes op wondere wijze doen luisteren. En ze steken er toch een soort van structuur in, veronderstel ik.

Dus dacht ik: kom, (terwijl ik luid in mijn handen klapte) allemaal op een rij!

En dat lukte! Ik heb in Excel een soort kalendertje gemaakt met in de eerste kolom alles wat ik zeker wil gedaan hebben op een dag, maar soms vergeet of laat schieten omdat ik teveel te doen heb

(genoeg water/kruidenthee drinken,
de hele dag zo gezond mogelijk eten,
bewegen,
reiki/relaxatie,
meditatie,
natuur,
schrijven,
boek/cursus,
praktijk,
vaat,
was,
brood maken,
iets opruimen of poetsen,
koken,
taakje van de dag (iets extra wat ik me die dag opleg)),

en in de bovenste rij de data.

Als dat zo mooi geordend open en bloot op tafel ligt, voelt het zó veel helderder en lichter in mijn hoofd en krijg ik veel meer gedaan.

Wetende dat ik van mezelf niet per se élk vakje van die dag moet afvinken, verloopt alles veel vlotter. Als ik eens iets (of meerdere vakjes) niet afgevinkt heb, dan denk ik gewoon: fak da (nog iets dat ik van Zoonlief geleerd heb 😁), ik heb vandaag heel veel andere dingen goed gedaan, en morgen komt ook nog langs.

Maar het gekke is dat het voelt alsof er nu meer uren in mijn dag zijn. Zelfs als ik eens moet rusten of dutten, zelfs als ik even tijd verpruts op sociale media, zelfs als ik geregeld eens gewoon absoluut helemaal niets doe.

Ik heb het er nog steeds wel eens moeilijk mee, geregeld niets doen, geen bomvolle dag hebben, als ik mezelf in de maatschappij denk. Want “druk, druk, druk”, dà’s wat je moet antwoorden op de vraag “hoe gaat het?”, toch?

Maar als ik mezelf gewoon mezelf denk, in de context van mijn eigen leven en gezin, dan is het helemaal prima zo.

Hoog tijd dat de maatschappíj verandert, zou ik zo zeggen. In een tijd waarin stress en burn-outs hoogtij vieren is rust en balans dringend gewenst.

Wat jij?